Testament

U kunt via testament – ook wel een uiterste beschikking genoemd –de wijze waarop uw nalatenschap moet worden verdeeld op het moment dat u komt te overlijden regelen. Het testament moet worden opgesteld door een notaris. U kunt een testament wijzigen wanneer u dat wilt. Wanneer u overlijdt, wordt uitgegaan van de laatste versie van het testament.

Testamentair erfgenamen

In het testament bepaalt de erflater wie zijn erfgenamen zijn. U kunt bij de notaris opvragen of u als erfgenaam bent genoemd in het testament. In het testament kunnen ook anderen dan familieleden tot erfgenaam zijn benoemd en kunnen ook bepaalde familieleden zijn onterfd. Ook kan er in het testament zijn opgeschreven dat iemand een legaat of last krijgt.

Het is dus mogelijk om familieleden te onterven (kinderen). Dit kan alleen via een testament. In dat geval erven de betreffende familieleden niet. Wel kunnen de kinderen te allen tijde een beroep doen op hun legitieme portie.

Wettelijke rechten echtgenoot erflater

Wanneer de erflater is getrouwd en hij zijn achterblijvende echtgenoot onterfd heeft, dan wordt de achterblijvende echtgenoot door de wet beschermd. Hij/zij heeft recht op een passende verzorging. Bijvoorbeeld het gebruik van de woning en de inboedel. De erfgenamen moeten dit respecteren.

Legaat

In het testament kan ook zijn vastgelegd dat bepaalde goederen of een bepaald geldbedrag aan iemand of aan een goed doel zijn nalaten. Dit heet een legaat. Degene die het legaat ontvangt, is de legataris.

Voorbeeld:

‘Ik legateer aan mijn neef Jan mijn antieke auto van het merk Porsche’.

De erfgenamen zijn verplicht om het legaat af te geven aan de legataris. De legataris is schuldeiser van de nalatenschap. Het legaat wordt dus voldaan vanuit de nalatenschap.

Afwikkeling testament

In het testament wordt vaak aangegeven op welke wijze de afwikkeling moet plaatsvinden. Zo kan er een executeur zijn benoemd of een bewindvoerder. Deze heeft dan de opdracht om nalatenschap klaar te maken voor verdeling. Dit betekent onder meer dat hij schulden moet betalen en zo nodig hiervoor goederen moet verkopen.